Verslag AB 5 oktober 2022


Kleine successen in eerste AB na droog & heet zomer­reces

5 oktober 2022

Deze eerste vergadering van het Algemeen Bestuur na het zomer reces van 2022 begon met een aantal installaties van nieuwe AB-leden, commissielid en een hoogheemraad, als ook het vertrek van enkele AB-leden. Toch hing boven deze AB ook een zweem van de ontwikkelingen die afgelopen zomer hadden plaats gevonden: de aanhoudende droogte en de boerenprotesten en de gesprekken die erop volgden. Want hoewel we na afloop van deze AB tevreden konden zijn met een aangenomen amendement en motie, de transitie naar een écht dier-, natuur- en klimaatvriendelijk waterschap is nog maar nauwelijks begonnen.


4.1 Besluitvorming aandeelhouderschap SNB

Wij kunnen instemmen met het aandeelhouderschap van de Slibverwerking Noord-Brabant (SNB), waarbinnen enkele waterschappen samen de duurzame verwerking van slib voor de lange termijn zullen oppakken.


4.2 Vaststellen strategie Toekomstbestendig Watersysteem (TBWS)

Het TBWS is een onderzoek naar een lange termijn strategie hoe vanaf 2030 om gegaan zou moeten worden met de extremen die de klimaatcrisis en andere ontwikkelingen met zich mee gaan brengen. Denk daarbij aan droogte en hoe aan voldoende water gekomen kan worden, aan extreme regenbuien die land zullen inunderen en mogelijk zelfs de stad. En de combinatie met verzilting, de steeds vakere lage rivierstanden en de vernatting van het veenweidegebied die deze opgave complex maken.

Hoewel de term ‘klimaatcrisis’ gevoelig ligt, worden in dit onderzoek de mogelijke consequenties van extremen niet gemeden, denk aan overstroomde straten en schade aan gewassen. Maar ook de alternatieven, zoals de transitie van veeteelt naar natte teelten of natuur worden genoemd. Al met al vinden wij het onderzoek naar een toekomstbestendig watersysteem een goede ontwikkeling, hoewel wij juist in het veenweidegebied een meer proactieve houding zouden zien van het waterschap, juist omdat hier grote opgaven, zoals tegen gaan bodemdaling, gepaard gaan met een grote kwetsbaarheid van met name waterkwaliteit. Daarvoor hebben wij een amendement ingediend, deze is met ruime meerderheid aangenomen.

Bijdrage Frank-Juriën Dam

Amendement Proactieve houding binnen het veenweidegebied


4.3 Bestuurlijke Kaderstelling Groot Onderhoud

Het Groot Onderhoud (GOP), bijvoorbeeld het op hoogte brengen van dijken of vervangen van kademuren, wordt nu vaak nog individueel behandeld. Door deze kaderstelling worden reguliere werkzaamheden niet individueel behandeld, maar kunnen we hier algemene kaders voor mee geven. Wel steunen we de motie van AWP zodat we als AB beter grip hebben op politiek gevoelige afwijkingen van dit kader.


4.4 Kredietaanvraag oevers GHIJ in combinatie met RWK deel Willeskop

De oevers van de Gekanaliseerde Hollandse IJssel worden samen met de primaire waterkeringen, oftewel de dijk, vernieuwd. Daarbij vroegen wij aandacht voor de ecologische inrichting daarvan, maar stemmen in met deze kredietaanvraag.

Bijdrage Frank-Juriën Dam


Motie vreemd aan de orde van de dag: Inzicht gevolgen wel/niet behalen KRW-doelen

De minimale kwaliteit van ons oppervlaktewater in Nederland wordt bepaald aan de hand van de in Europees verband vastgestelde Kaderrichtlijn Water (KRW). Deze waterkwaliteit is al jaren zwaar onvoldoende en maatregelen als natuurvriendelijke oevers en verbeteringen binnen de landbouw leggen het af tegen verstedelijking en klimaatverandering.

Het is dan ook zeer onwaarschijnlijk dat we met de huidige maatregelen de KRW-doelen in 2027 gaan halen. En hoewel we ook de afgelopen jaren met maatregelen zijn bezig geweest binnen HDSR, zijn we al sinds 2000 hiermee bezig en hebben we dus nog slechts 5 jaar te gaan.

Ondertussen schrijft Minister Harbers dat als we de doelen niet gaan halen, dit potentieel ingrijpende gevolgen kan hebben voor projecten en besluiten, en dat Europese boetes dreigen. En ook de provincie Utrecht ziet de urgentie steeds meer in en heeft toegezegd met de Utrechtse waterschappen in overleg te treden. Willen we deze aandacht in de komende paar jaar omzetten in concrete maatregelen, dan hebben we op z’n minst inzicht nodig in welke inspanningen we moeten leveren, en wat de consequenties zijn als we dat niet doen.

Daarom hebben we samen met VDD, AWP en 50+ de motie “Inzicht in benodigde inspanning voor behalen KRW doelen en in consequenties van het niet behalen van de KRW doelen” ingediend, met daarbij het verzoek aan het college:

  • Om het AB in 2023 inzicht te geven in de benodigde inspanningen (financieel, technische, personeel) die nodig zijn om de KRW doelen conform de wettelijke uitgangspunten te realiseren.
  • Om het AB in 2023 inzicht te geven in de consequenties voor HDSR en de omgeving, wanneer HDSR de KRW doelen niet realiseert.”

Deze motie is unaniem aangenomen.